 |  |
"Hollandse sermoenen" gedichten auteur : H.C. ten Berge (foto) uitgever: Atlas, Amsterdam/Antwerpen 95 blz., € 17,50 ISBN 978-90-450-1163-9 www.uitgeverijatlas.nl
|
 |
De eerste helft van deze bundel bestaat uit de Hollandse sermoenen waaraan de bundel zijn titel ont-leend. Strenge leerverzen van de oude meester, geheel in de traditie van Calvijn, wat die ook moge zijn. In ieder geval begint Ten Berge via het Zweepvormig sermoen met de zweep er over. Calvinistisch? Eerder het tegendeel. Deze sermoenen beginnen niet met een stichtelijk woord maar met een kreet, "Aaah!", meteen gevolgd door de in muzieknoten ingebedde aansporing "Zing!", het eerste woord van deze bundel, met daarna de conclusie van het resterend alternatief: "Of verhang je!" gevolgd door kruizen. En de pijnlijke punt van deze zweep wrijft het ons in: "Schreeuw!/ Barst los/ in onbe-/ schaamd/ gelach/", om zonder woorden, verstomd wellicht, niet eens in kreten maar in symbolen te eindigen: "¶/ ¶/ ¶/ ¶/ ¶".
Daarna volgen het Langwerpige sermoen, het Eenzelvige sermoen, het Sermoen in elegisch geprevel verzinkend, het Babylonische sermoen, een Briefsermoen voor dolend Grasvolk 8888 Kaninefaten, een Sermoen over de draagwijdte van zekere daden, een Afgebroken sermoen, een Sermoen aangaande het paradijs, een Verknipt sermoen over verdane liefde, een Sermoen voor een donkere spiegel gedacht, een Sermoen voor dovemansoren en een Opgeruimd sermoen.
De titels geven uiting aan de luchthartige en relativerende uitstraling van deze strenge leerverzen, die allemaal, al dan niet in meerdere verzen, meerdere bladzijden beslaan. Zoals het de ouderdom betaamd, wortelen de lessen vaak in de historie, bijvoorbeeld het Sermoen voor dovemansoren, waarin in het tweede vers over "het sermoen van de verlichting" en "De voorbeeldige geschiedenis" wordt gesproken. Maar al de lessen en al de historie worden steeds weer op de dichter zelf betrokken, zoals in het eerste deel van dat sermoen:
Een sermoen als een driedelig pak dat niet past, dat steeds maar niet als gegoten, en zich niet voegt naar de smaak van de dag
Neem het woord dat je ontnomen wordt. Roer je tong, val uit de toon, spreek desnoods voor de banken. Zing door als het niet gaat, sonoor, stemvast, ook onverhoord.
Wees de gek in de struiken. Speel tourette in de straat.
(Mooi, de tegenwoordige tijd van het "wordt". Hoe prachtig die laatste zin.) Het laatste sermoen, het Opgeruimd sermoen, eindigt met "Wees vrij en onbezwaard,/ laat de geest maar onbekommerd waaien - ", hetgeen een mooi einde zou zijn voor een bundel getiteld Hollandse sermoenen.
Maar de lezer is pas halverwege, want na de sermoenen volgen nog enkele, uit één of meer gedichten bestaande afdelingen: Wat ik zag en onderging, Impressies en observaties I, Impressies en observaties II, Een winterlied aan Midnight Pass en Lofzang op mijn oude schoenen. Haast een tweede bundel, die met de titel van de eerste of laatste afdeling juist benoemd zou zijn. Daarmee komt deze in groter formaat uitgegeven bundel op vijfennegentig bladzijden en geeft hij dus ook waar voor zijn geld, zoals dat tegenwoordig moet.
Paul van Leeuwenkamp
|
|
 |  |